Philzuid vertolkt Mahlers 6e symfonie met karaktervol spel: ****
algemeen • 2 februari 2026
Maastricht- Het openingsdeel vlamt en in de beide middendelen worden de contrasten overtuigend uitgelicht. In het ruim uitgevallen slotdeel – voor ieder orkest een tour de force – zijn er puike blazerssoli en staat de spanningsboog stevig in de klei, al zijn er ook momenten die nog kunnen groeien in diepgang.
M. Wiche
Met een mega-bezetting, waaronder twee harpen, een partij koebellen, en een grote houten kist waarop de doffe klap zal klinken van een hamer met maatje XL, gaat Philzuid de uitdaging aan met Mahlers 6e Symfonie. ‘Tragische’ is de bijnaam, omdat in een vierdelig romantisch glas-in-lood de strijd van een denkbeeldige persoon met zijn noodlot centraal staat. Een tevergeefs gevecht: wanneer de orkestrale kruitdampen na dik vijf kwartier optrekken eindigt het stuk in mineur.
De exuberante ode aan de fantasie dankt zijn populariteit mede aan het gegeven dat er nogal wat autobiografische verwijzingen in zitten. Zo zou de componist zijn vrouw Alma hebben geboetseerd in een zwierig-gepassioneerd thema (deel 1), en zou hij zijn kinderen hebben geportretteerd in een speels deuntje (deel 2). Meest tot de verbeelding sprekend is echter het verhaal dat de hoofdpersoon Mahler zelf zou zijn, en dat hij deze in het slotdeel aanvankelijk velde met 3 hamerslagen, maar de derde (de dood) uiteindelijk angstvallig schrapte.
Overtuigend
Het is een uitvoering die er zijn mag, met name door de prima muzikale inzichtelijkheid en het karaktervolle spel. Zo komt in het vlammende openingsdeel – grotendeels beheerst door een demonische drive – bij alle over elkaar heen buitelende melodieën regelmatig het juiste eindje bovendrijven, en weet chef-dirigent Duncan Ward ze expressief aan elkaar te knopen.
In de beide middendelen worden de contrasten daarnaast overtuigend uitgelicht: in het langzame tweede deel valt de mooie innigheid en de van passie druipende climax op, terwijl deel drie – een bijtend scherzo – aantrekkelijk balanceert tussen guitig en grimmig.
Lyrisch
Het slotdeel is voor ieder orkest een tour de force, met zijn uit de kluiten gewassen opzet (een gemiddelde uitvoering duurt een klein half uur), en zijn vele stemmingswisselingen. Geweldig zijn de pit en brille waarmee Ward de marsachtige passages pareert met de dynamisch-golvende lyrische gedeeltes, die hij steeds een smachtend randje meegeeft. Er zijn puike blazerssoli, en de muzikale spanningsboog staat stevig in de klei, al zijn er ook momenten die nog kunnen groeien in diepgang.
Het geheel kan nog winnen aan bezonkenheid van klank, zo typerend voor Mahlers wereld, en het dynamisch palet kan nog worden uitgebreid: écht zachte passages zijn er maar weinig. Het zijn kanttekeningen die niet wegnemen dat het orkest met deze vertolking een prima prestatie levert, en de staande ovatie van het uitverkochte huis dik verdiend is.
Gehoord: Mahlers 6e Symfonie Tragische door Philzuid
Waar: Theater aan het Vrijthof (31-1)